← Terug naar de voorpagina
De KapeneesZaterdag 26 September 2026Haven

De Veerhaven, onze eigen Costa del Sol

Zwemles van de Maas

Van onze verslaggeverKatendrechtLeestijd 3 minuten
Een houten steiger in de ijskoude Maas, met aan de overkant het gebouw van de Holland-Amerika Lijn en havenkranen

De steiger, met aan de overkant het gebouw van de Holland-Amerika Lijn.

In de zomermaanden was het altijd een gezellige drukte bij de Veerhaven. Dat was onze eigen Costa del Sol. Er stonden houten steigers en grote meerpalen, en voor ons was dat de ultieme plek om verkoeling te zoeken. Sterker nog: menig kind van De Kaap heeft dáár leren zwemmen. Een officieel zwemdiploma had bijna niemand; wij kregen simpelweg zwemles van de Maas.

Dat ging volgens een heel eigen, beproefd systeem. Eerst oefende je op een steiger die met vloed net een laagje water over zich heen kreeg. Dat was ideaal: je kon een beetje spartelen en proberen te blijven drijven, maar als het nodig was, had je altijd vaste grond onder de voeten. Als je dat eenmaal onder de knie had, ging je steeds een stukje verder, totdat je echt in het diepe terechtkwam. Zo verlegde je stap voor stap je grenzen.

En dan kwam de ultieme vuurdoop: het diepe in vanaf de steigers of de meerpalen. Een oudere man uit de buurt nam dan de leiding. Hij nam een lang, dik stuk touw mee en bond dat stevig om je middel. En dan was het wachten tot je het lef had om die grote, kolkende rivier in te springen. Stond je net iets te lang te dralen of te trillen op de rand? Dan hielp die ouwe je wel over dat laatste stukje twijfel heen met een klein zetje. Plons! Daar ging je. Maar door dat touw wist je dat je veilig was. Zo hebben de meeste kinderen op De Kaap de Maas leren bedwingen.

Een kleine haven in de sneeuw met sleepbootjes, een stenen kade en bakstenen havengebouwen

De schaduwzijde van de rivier

Toch ging het niet altijd goed; de rivier had ook een gitzwarte kant. In die tijd zijn er helaas een aantal kinderen verdronken of nét niet verdronken. Ik herinner me nog goed dat er dan een klein bootje voer met een man erop die een dreghaak vasthield. Systematisch zochten ze dat specifieke stuk water af, in de hoop het lichaam weer boven water te krijgen. Dat onheilspellende gevoel dat toen over de kade hing, zal ik werkelijk nooit meer vergeten.

De waaghalzen en de oversteek

Als je eenmaal fatsoenlijk kon zwemmen, zochten sommigen pas écht het gevaar op. Er waren jongens op De Kaap die het presteerden om de Maas helemaal over te zwemmen naar de overkant van de stad. Als je daar nu aan terugdenkt, was dat werkelijk levensgevaarlijk met al die gigantische zeeschepen en de verraderlijke, sterke stroming.

De meesten zwommen alleen de heenweg. Als ze dan eenmaal vermoeid en kletsnat aan de overkant op de kade klommen, hadden ze geen puf meer om terug te gaan. Die liepen dan maar helemaal te voet via de oude Maasbruggen terug naar Katendrecht. Van de Erasmusbrug had nog nooit iemand gehoord, dat was nog verre toekomsttheorie; je moest echt omlopen via de Willemsbrug. Maar er waren een paar echte ‘die-hards’ bij die na een korte pauze gewoon weer het water in doken en ook weer terugzwommen.

Geïmproviseerd surfen

Zelf was ik niet zo’n waaghals die de hele oversteek waagde, maar ik verlegde mijn grenzen op een andere manier. In een specifieke hoek van de Maas bleef door de stroming altijd een hoop drijfhout liggen. Daar zwom je dan gewoon naartoe en in het water zocht je dan het meest ideale stuk hout uit.

Dat nam ik mee als een soort geïmproviseerde surfplank. Met mijn armen over dat hout geslagen, peddelde ik vanaf de Veerhaven helemaal naar de kade van de Holland-Amerika Lijn… en na een korte rustpauze weer helemaal terug naar de Veerhaven.

Meer uit De Kapenees

De Kapenees · Onafhankelijk nieuwsblad voor Katendrecht en omstreken · Overname uitsluitend met bronvermelding